Barre tijden voor kleine GWW-bedrijven

donderdag 5 januari 2012


Bijna de helft van de wegenbouwers (46 procent) heeft zijn productie de afgelopen maanden zien dalen. Dit blijkt uit een onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB). Het Economisch bureau van ING constateerde dat kleine infrabouwers nog geen herstel laten zien.

 

12011 - Kleine infrabedrijven in zwaar weer 1

 

Het ging goed met bouwbedrijven met minder dan 10 werkzame personen in het derde kwartaal van 2011. De omzet is sinds het dieptepunt van begin 2010 gestegen met 16,5 procent, constateerde ING. Het lage BTW-tarief en de stabiele onderhoudssector pakten vooral positief uit voor kleine aannemers.

De ING verwacht wel dat dit jaar de bouwsector krimpt met 2 procent ten opzichte van de groei van 4 procent vorig jaar.

Uitzondering hierop zijn de kleine infra-bedrijven. In 2010 verloren zij meer dan 20% van hun omzet ten opzichte van 2009. In de eerste drie kwartalen van 2011 bleef de omzet stabiel. Het lage aantal orders van deze bedrijven is vooral te wijten aan de bezuinigingen van de lagere overheden waarvan het merendeel van deze infra-bedrijven afhankelijk zijn. Daarnaast lijden ze onder de recessie in de nieuwbouw waardoor er minder percelen bouw- en woonrijp gemaakt hoeven te worden.

 

12011 - Kleine infrabedrijven in zwaar weer 2Slechts 9 procent van de wegenbouwers had na de bouwvak meer werk dan daarvoor. Daarmee staan de wegenbouwers er relatief het slechtst voor in de bouw. Van de woningbouwers noteerde bijna een op de drie bedrijven in september minder werk dan drie maanden geleden: 3 procent zag de bedrijvigheid toenemen. De wegenbouwers hebben gemiddeld nog een orderportefeuille van 6 maanden. Bijna een op de tien bedrijven verwacht dat de prijzen verder gaan zakken. De meeste (89 procent) verwachten dat de prijzen stabiel blijven. In de hele bouwsector is de productie bij een op de drie bedrijven (28 procent) afgenomen. Slechts 7 procent van de bouwers heeft meer werk dan drie maanden geleden. De orderportefeuille bevat gemiddeld 6,2 maanden werk. Daarmee is de werkvoorraad twee dagen geslonken ten opzichte van juni 2011. Sinds april 2011 is de werkvoorraad geleidelijk afgenomen; meer dan een kwart van de wegenbouwbedrijven houdt rekening met terugloop in de orderportefeuille, constateert het EIB.

 

De 'Bouw kwartaal monitor' van ABN Amro ziet in haar prognoses de nieuwbouwproductie in de GWW-sector dit jaar met 2 procent dalen. "De onderhoudsproductie zal marginaal toenemen vanwege het doorlopende onderhoud aan onder andere wegen, bruggen en spoor. Hierdoor neemt per saldo dit jaar de GWW-productie met 1 procent af."

 

De grote lijnen van de GWW-sector laten op termijn wel een stijging zien in beschikbare miljoenen voor infrastructuur. Drs. P.J. Groot en H.S. Suiskind (Msc) schrijven de 'Infrastructuur monitor MIRT 2012'. Het EIB brengt hiermee op verzoek van Bouwend Nederland periodiek de voortgang bij de realisatie van infrastructuurprojecten in kaart.

 

De belangrijkste conclusies: dit jaar is ruim 7,6 miljard euro beschikbaar voor infrastructuur. Dit betekent een afname van 5 procent in vergelijking met vorig jaar. Het budget voor beheer en onderhoud blijft in 2012 ongeveer hetzelfde als in 2011.

De budgetten trekken de komende jaren verder aan: in 2013 en 2014 zullen de budgetten voor de infrastructuur toenemen tot 8,2 miljard. Of er voor de kleinere aannemers wat verschil maakt valt te bezien. Deze toename komt vrijwel volledig voor rekening van de uitgaven aan het hoofdwegennet.



Naar het archief